Raal, G. (zie ook Opdebeek, Lode)

Naar: overzicht van alle auteurs

Curriculum vitae:

Opdebeek, L. uitgeverij, in 1900 opgericht door Lode Opdebeek en na diens dood in 1930 voortgezet door zijn zoon Gabriël Opdebeek.

Van 1894 tot 1900 bestond in Brussel de Nationale Drukkerij, gesticht en geleid door J. Vergaert en zijn neef Lode Opdebeek, die er ook zijn eerste literair werk publiceerde. Na de sluiting van het bedrijf zette Opdebeek onder eigen naam de uitgeversactiviteit voort in Antwerpen, waar hij sinds zijn huwelijk woonde. De uitgeverij werd bekend om haar school- en prijsboeken, haar volksromans (Jan Bruylants: ‘Tijl Uilenspiegel in Vlaanderen’ (1904); Abraham Hans: ‘Groeninghe of De Slag der Gulden Sporen’ (1910) en vooral haar jeugd- en kinderboeken (Constant de Kinder: ‘Jan zonder Vrees’, (1910); de firma importeerde ook tal van jeugdboekenfondsen uit Nederland. Voor het oorspronkelijk Vlaamse werk trad Julius Pée een tijdlang als taalrevisor op. Bij Opdebeek verscheen ook literair werk van Maria Belpaire, Constant Eeckels, Jef Mennekens, Stijn Streuvels en anderen, evenals, in 1923-1925, een heruitgave van de werken van Johanna Berchmans. In 1953 werd de kwijnende uitgeverij omgevormd tot een naamloze vennootschap met het oog op de overname ervan door ‘De Nederlandsche Boekhandel’; de naam Opdebeek bleef bewaard voor uitgaven op het terrein van de jeugdliteratuur. In 1982 werd de n.v. L. Opdebeek ontbonden.

Literatuur over L.O.: L. Sonck: ’Uitgeverij L. Opdebeek. Haar stichter, zaakvoerder, evolutie en werking’, KUL, onuitgegeven licentiaatsverhandeling, 1994.
Illustraties: zie: uitgeverij en boekhandel.
(Auteur van dit lemma: Ludo Simons)

Opdebeek, Lode (eigenlijk Lodewijk) (*Laken, 19 juni 1869 – †Antwerpen, 4 mei 1930). Vader van Gabriël Opdebeek.
Was vroeg wees en werd Vlaamsgezind onder invloed van zijn grootvader van moederskant. Hij genoot enig onderwijs als ‘werkleerling’ in het Sint-Jozefsgesticht te Sint-Denijs-Westrem en leverde er zich over aan lectuur. In 1889 werd hij soldaat. Tijdens zijn legerdienst werkte hij mee aan het Vlaamsgezinde weekblaadje ‘De wacht aan de Maas’. Terug te Brussel nam hij spoedig deel aan het Vlaamse verenigingsleven in de hoofdstad, onder meer in ‘De Distel’, dat hem te louter literair georiënteerd was, en het strijdgenootschap ‘De Vlaamsche Wacht’; van de Brusselse afdeling hiervan werd hij voorzitter, met Albert Scharrelhout (de broer van Gustaaf Scharrelhout) en Lodewijk de Raet als medebestuursleden. In 1893 werd hij redactiesecretaris van ‘Vlaamsch en Vrij’. In 1895 nam hij vanuit Antwerpen het blad over en bleef hoofdredacteur tot 1897, toen het verdween.

In 1894 richtte Opdebeek, hoewel sinds zijn huwelijk in Antwerpen woonachtig, samen met zijn oom J. Vergaert in Brussel de ‘Nationale Drukkerij’ (Imprimerie Nationale) op, die omstreeks 1900 ophield te bestaan. Na zich in 1899 vergeefs tot Max Rooses te hebben gewend om een betrekking te vinden in het Museum Plantin-Moretus, de Stadsbibliotheek of het Stadsarchief, begon Opdebeek in 1900 een uitgeverij onder de firmanaam L. Opdebeek in Antwerpen. Zowel onder zijn eigen naam als onder diverse pseudoniemen (L. van Laeken, R. van Fienen, G. Raal, B. Koenen, K. Bouter) werd Opdebeek een groot producent van volks- en kinderboeken, die naast soortgelijk werk van anderen (Abraham Hans, Constant de Kinder…) in zijn uitgeverij verschenen.

Een intermezzo vormde de periode van de Eerste Wereldoorlog, toen Opdebeek zich met zijn gezin in Laren (Noord-Holland) vestigde. Vader en zoon werden medewerkers van het te Amsterdam verschijnende dagblad ‘De Vlaamsche Stem’. Na de radicalisering van het blad onder invloed van René de Clercq en Antoon Jacob stapten beiden over naar het weekblad ‘Vrij België’ van Frans van Cauwelaert en Julius Hoste (jr.). Na de oorlog werd de uitgeversactiviteit in Antwerpen voortgezet. Samen met zijn zoon Gabriël behoorde Lode Opdebeek een jaar voor zijn overlijden nog tot de stichters van de ‘Vereniging ter bevordering van het Vlaamse Boekwezen’.( )

Werken van L. Opdebeek: Bloemekens van den Vlaamschen rozelaar, 1928.
Literatuur over L. Opdebeek: A. de Ridder en E. van Offel in ‘De Vlaamsche Gids’ (augustus 1930), p. 481-497 ook als overdruk: In memoriam Lode Opdebeek, z.j.;
L. Sonck, ‘Uitgeverij L. Opdebeek. Haar stichter, zaakvoerder, evolutie en werking’, KUL, onuitgegeven licentiaatsverhandeling,1994.
(Auteur van dit lemma: Ludo Simons)
(Bron: Nieuwe Encyclopedie van de Vlaamse Beweging.)
K.M. 31.10.2017

Publicaties bij Studium Generale:
De Grote Oorlog in België